Kleinbloemige salie

Kleinbloemige_salie (Salvia verbenaca)

De kleinbloemige salie bloeit met blauwe of violette bloemen. De bloemen staan in schijnkransen. De bovenlip van de kelk is afgerond en heeft drie kleine tandjes. De schutbladen zijn groen. De bloemkroon is minstens 2x zo lang als de kelk.

De Veldsalie (S. pratensis) heeft donkerblauwe bloemen. De bovenlip van de kelk is niet afgerond. De bladen staan in een wortelrozet. De stengel is klierachtig behaard.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - Kleinbloemige_salie
familieLipbloemfamilie (Labiatae of Lamiaceae)
info familieAlle planten uit deze familie hebben kruisgewijs staande bladeren en vierkante stengels. Het zijn over het algemeen kruidachtige planten. De bloemen staan in schijnkransen. De kelk is 5-10-tandig. Van de bloemen zijn de kroonblaadjes vergroeid tot 2 lippen, de bovenlip bestaat meestal uit 2 delen, de onderlip uit 3. Er zijn 4 meeldraden, 2 langere en 2 kortere of slechts 2. Er is 1 stijl met 2 stempels. De vrucht is een 4-delige splitvrucht.
geslacht Salie (Salvia)
info geslacht Blad gezaagd. Meer dan 2 bloemen in een krans. Duidelijke boven- en onderlip. Bloemen rood, paars, blauw. Geen pluis in de bloemkransen.
Slechts 2 ontwikkelde meeldraden. De meeldraden hebben een eigenaardige vorm: ze werken als een soort hefboom voor de bestuiving.

Hefboommechaniek bij het geslacht Salie: de twee helmhokjes van elke meeldraad zijn gescheiden door een steeltje (het helmbindsel). Dit steeltje is beweeglijk verbonden met de korte helmdraad. Het onderste helmhokje heeft geen stuifmeel en is veranderd in een plaatje. Als nu een bij of hommel de bloem binnendringt, dan drukt hij tegen het plaatje en duwt dit naar achteren, het bovenste helmhokje slaat daardoor voorover en bestuift zodoende de rug van het insect. Bij oudere bloemen steekt de gespleten stempel als een slangentong ver uit de bloem en likt als het ware het stuifmeel van de rug van het insect.

naam Kleinbloemige_salie (Salvia verbenaca)
waar droge grasgrond
bloei april - juni
kleur blauw of violet
blad onderste bladen diep ingesneden, gesteeld, bovenste bladen zittend
vrucht nootje