Gele morgenster (Tragopogon pratensis )

Gele morgenster


De omwindselbladen zijn ongeveer zo lang als de buitenste bloempjes. Bij de Kleine Morgenster steken ze uit. De plant is gemakkelijk te onderscheiden door de helmknopjes die van boven zwart zijn. De bloemen zijn alleen in de ochtend open.
De Oosterse morgenster heeft een omwindsel dat korter is dan de bloempjes, de bloemen zelfs zijn oranjegeel. Een andere variant is de Bleekgele morgenster, deze is hetzelfde als de Gele morgenster, alleen zijn de bloemblaadjes lichtgeel.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - Gele_morgenster
familieComposietenfamilie (Compositae of Asteraceae:)
info familieDe Composietenfamilie is op de Orchideeënfamilie na de grootste plantenfamilie. Meer dan een tiende deel van onze inlandse soorten behoren tot deze groep. Kenmerkend voor deze familie is de samenstelling van de bloem: elke ′bloem′ bestaat uit een aantal kleine bloempjes. Die kleine bloempjes hebben niet ieder een eigen kelk, maar ze worden bijeengehouden door een korfje of omwindsel van blaadjes. Zie voor meer informatie over deze familie Infoteksten/gele composieten elders op deze site.
geslacht Morgenster (Tragopodon)
info geslacht Men onderscheidt de Bleekgele, Gele, Oosterse en Paarse Morgenster. De Kleine morgenster is een subsoort van de Gele morgenster. De Kleine morgenster vind je vooral in de duinen.
De bloemstelen van de morgensterren zijn naar boven toe iets verdikt. De stijlen zijn geel. De omwindselbladen zijn korter tot langer dan de bloemen, hieraan kun je de verschillende soorten herkennen (ver uitstekend bij de Kleine, ongeveer even lang of iets korter bij de Gele). De lintlboemen zijn lichtgeel tot oranjegeel. Het blad is grasachtig smal en lang. Bloeitijd: mei tot jul
naam Gele_morgenster (Tragopogon pratensis )
waar grazige plaatsen, spoor- en rivierdijken
bloei mei - augustus
kleur geel
blad stengelachtig
vrucht zaden gesnaveld; pluis veervormig, in elkaar grijpend